Dry needling werkt op specifieke punten, de zogenaamde ‘triggerpoints’. Een triggerpoint is een drukpijnlijke plek in een spier, die naast de lokale drukpijn, ook vaak pijn ‘op afstand’ veroorzaakt.
De kinderfysiotherapeut die de behandeling toepast, voelt eerst waar het ‘triggerpoint’ zich in de spier bevindt. Dat kan wat gevoelig zijn. Als het triggerpoint is gevonden, plaatst de kinderfysiotherapeut het kokertje, waar de naald in zit, op de huid. Het inbrengen van de naald is nauwelijks voelbaar. Hierna brengt de kinderfysiotherapeut de naald in de spier. Op het moment dat in het triggerpoint geprikt wordt, zal de spier in dat gebied reageren door snel samen te trekken en weer te ontspannen. Soms veroorzaakt dit een wat doffe pijn of geeft het een elektrisch gevoel. Bij dry needling wordt een ‘droge’ (dry) naald gebruik. De kinderfysiotherapeut spuit dus geen vloeistof in de spier.
Belangrijk is om te weten dat dry needling meestal niet de eerste behandelmethode bij kinderen zal zijn. Bijna altijd worden andere methoden gebruikt die de klachten sterk kunnen doen verminderen en/of verdwijnen. Mocht er onvoldoende verbetering zijn, kan dry needling een vervolgstap zijn.